Geertvanderleest.jouwweb.nl
Home » GeertBlogt 2020

Toekomst ABC eilanden (Aruba, Curacao, St. Maarten)

“I cannot arrive at any other conclusion than that the countries have not succeeded in implementing reforms. There are all sorts of reasons, explanations for it. It is a long, disconcerting list of unkept promises, unkept agreements and advices that were put aside. It is a list of things that were shelved as a result of political unwillingness or ignorance,” said Knops.
He repeated his words of earlier this week that, in his opinion, the countries were unable to shoulder their own autonomy. “That is a tough conclusion, but I cannot come to any other. The indications were already long-time on the table before the corona crisis. What is autonomy when you totally depend on the Netherlands for support because your basic government finances are not in order?”

He pointed out that national debts have been rising to untenable proportions and economic prosperity of the islands has barely benefited the people. “The people who can carry the burden don’t, and shift it to the poorest. That becomes visible in times of crises like this one,” he said, calling it “a shame” that the Netherlands now has to provide thousands of food parcels for people to survive on the islands.

“In my opinion, politics and governing is about making choices in the best interest of your people, also in the long term. However, we have to conclude that in the past years there have been too many elected officials who apparently had another agenda that was not focused on the well-being of their people,” said Knops.
“When you profit from people who do the cheap labour, they end up paying the highest price during a crisis. That is an issue that deserves a political discussion in an autonomous country. That is not solved in a day, but the discussion needs to take place.” He referred to the current crisis as “one big wake-up call.”

(C) https://www.thedailyherald.sx/islands/it-s-no-longer-business-as-usual-says-knops, published May 22nd 2020

------------------------

Minister Knops is […] eindelijk tot de conclusie gekomen dat de zg autonome tot het Koninkrijk der Nederlanden behorende Caribische landjes, hun autonomie niet kunnen dragen.
Een constatering, waarvan u en ik wenkbrauwfronsend zouden zeggen: geen nieuws; op zijn hoogst een “déjà vu”.

Democratie is de beste staatsvorm. Zij heeft echter één verborgen gebrek. Zij functioneert minder optimaal in een gemeenschap waarin het opleidingsniveau […] laag is. Het is dan ook geen wonder dat de democratie bij ons steeds slechter lijkt te functioneren. Veel kiezers zijn bereid hun stem voor minder dan een bord linzensoep aan de politicus met het leukste verhaal en de aantrekkelijkste beloften te verkopen. Daar komt nog bij dat er weinig capabele personen zijn, die zich in de politieke arena durven wagen. Dit vanwege de gerechtvaardigde vrees een “ontgroening” te moeten ondergaan die in één bepaald opzicht verder gaat dan deze bij de studentenverenigingen nog steeds bestaande opmerkelijke traditie.

Zelfs de enkeling die zich op het bezit van brandschone handen kan beroepen, zal van wege die noodzakelijke ontgroening, aarzelen de politieke arena te betreden. Tot die ontgroening behoort nl. een niet formele door de politieke oudgedienden ondernomen onderzoek van de stamboom van de waaghalzerige nieuweling. Ze zullen in hun zoektocht steevast in een van de verre vertakkingen van die boom een ongeletterde naïeve oma tegenkomen die honderd jaar geleden een paar stuivers uit de portemonnee van haar werkgeefster heeft “geleend” en daarvoor streng werd bestraft.

Of verder zoekend, een snaakse “betovergrootopa” ontdekken die 125 jaar geleden een kip uit de tuin van een shon heeft gejat en daarvoor in het gevang is beland. Die verre voorzaten worden de nieuwe durfal constant met de nodige afkeuring en zelfs walging voorgehouden. En niet iedereen heeft er zin in deze moderne variant van de bij de studentenverenigingen bestaande ontgroeningstraditie te ondergaan.

Het hoeft geen betoog dat deze “traditie” een negatieve selectie tot gevolg heeft die uitsluitend tot voordeel strekt van de geharde oudgedienden; politici die eelt op ziel en huid hebben gekregen en zelfs het onderhuids blozen hebben afgeleerd.
Onnodig te stellen dat de instroom van hoog opgeleide en capabele politici in spe door deze tot onze folklore behorende politieke traditie, aanzienlijk wordt beperkt. Het zijn dan ook vooral de gladde, in het bespelen van het kiezersvolk gepokte en gemazelde oude rotten in het politieke vak, die in het politieke koor van ons eilandje het hoogste lied blijven zingen.

Knops beschikt via zijn voorgangers al meer dan 65 jaar over de wetenschap dat de politici van deze eilandjes met een bevolking van 50.000.00 – 150.000.00 inwoners, niet in staat zijn voldoende kennis en kunde op te brengen om hun eilandje als onafhankelijk land te bestieren. Knops en zijn voorgangers weten als geen ander dat het zelfs de meest goedwillende […] politicus aan de benodigde capaciteit en logistiek ontbreekt om deze eilandjes met een eigen luchthaven; een eigen zeehaven; een eigen meteorologische dienst, een eigen douane en ga zo maar door als autonoom (lees onafhankelijk) land te leiden.

Dr. Jose ‘Joe’ M. Eustatia (1938) studeerde medicijnen aan de Universiteit van Nijmegen. Hij promoveerde in 1971 tot doctor in de geneeskunde. In 1972 keerde hij als specialist in de laboratoriumgeneeskunde (hoofdvak Bacteriologie) naar Curacao alwaar hij tot 1998 als arts-bacterioloog en hoofd Landslaboratorium werkzaam is geweest.
(c) https://www.knipselkrant-curacao.com/column-zambesi-revisited-minister-knops-ontdekt-het-nieuwe-normaal/#more-289003
May 22nd 2020

--------------------

 

Politiek, een 'universele' (?) gedachte

"Alles wat gebeurt buiten datgene waarvan we denken dat we het direct, door eigen kracht kunnen veranderen of houden zoals het is, alles wat we 'ploitiek' noemen, beschouwen we zoals het weer: het lot dat zich bij ons altijd voltrekt in een gematigde vorm. Het is een ingewikkelde zaak. Kunnen we niet zonder politici? Dat bewijs zal nooit geleverd worden. Zouden we betere politici kunnen hebben? Het bewijs daarvoor zal ook nooit worden geleverd. De politiek zoals we nu hebben kan blijven bestaan doordat iedereen met halve begrijpelijkheid, halve beslissingen, een halve kool en een halve citroen, een half bestaan tevreden is en omdat niemand meer beter weet. Als het erop aankomt iets te ondernemen tegen een bestaan waarmee ze maar half tevreden zijn, worden de mensen overweldigd door hun luiheid en lafheid. Als ze moed genoeg hebben verzameld, kunnen ze niet uit hun stoel overeind komen, en als ze dat wel lukt is hun moed verdwenen. per slot van rekening is het moeilijk iets te verzinnen dat praktischer en gezonder is dan in redelijke welstand  ongestoord naar het einde sukkelen. Ik weet niet of er veel mensen zijn die dat hun levensdoel noemen, maar het is wel het algemene doel van de dag.  Je kunt het humeur van een weldenkend mens niet sneller bederven dan door hem te vragen iets te durven. Daarom vragen we het elkaar ook niet. Dat is het geheim van de politici: we staan ze graag toe, van alles en nog wat van plan te zijn en dat in hun rare taal bekend te maken zolang we ons er maar niet aan hoeven storen en zolang ze ons in onze halfheid met rust laten. Daarom worden ze gedoogd. Niet om hun schitterende denkbeelden en hun hoogstaande familieleven maar omdat ze onze bijval willen voor hun werk dat ons niets kan schelen, om ons in ruil daarvoor in het genot van onze slome gemakken te laten. daardoor zijn we verwend geraakt; ouwe snotneuzen met te weinig gedachten en teveel zakgeld."

Men zou kunnen zeggen dat dit een rake, zij het een beetje cynische of weinig genuanceerde observatie is. Typisch Caribisch. Maar dat laatste is niet waar zoals uit de brondvermedling kan worden geconcludeerd. Het is zeker wel van (zeker gedeeeltelijk) toepassing maar het gaat over een observatie in het Nederland van rond 1976. 

(C) H.J.A. Hofland, Man van zijn Eeuw, uitgave De Bezige Bij, 1978, p 112/113.

Geplaatst Mei 2020

--------------------------

 

Toekomst

In deze blog hieronder drie verschillende artikelen (vanuit Aruba, Curacao en St. Maarten) die in de periode van 1 week zijn verschenen in verschillende nieuwsmedia hier. Ze geven allen een mening over het zelfstandig (staatkundig/bestuurlijk) voortbestaan van de eilanden. De vragen die opkomen worden al veel langer door sommigen gesteld. Kunnen deze eilanden met hun kleine bevolkingsomvang een aparte autonome status hebben? In dat verband is een antwoord op onderstaande vragen van belang.

Kan de economie van deze eilanden voldoende inkomsten genereren om alle uitgaven die samenhangen met het zijn van een autonome staat in deze wereld af te dekken? En niet alleen dat.

Is het mogelijk om (overheids)organisaties te laten bestaan die voldoende kennis, kunde en ervaring hebben om efficient en daadkrachtig te sturen indien nodig?

En als dat het geval is worden die organisaties in voldoende mate aangestuurd door een regering/parlement? 

In goede tijden lijkt er geen vuiltje aan de lucht. De eilanden dobberen wat rond in de Caribische zee en we leven van dag tot dag, enjoying life and being happy. Maar hoe gaat het nu, na de cat. 5 orkaan Irma September 2017 en het Coronovirus? 

Helaas, nu wordt duidelijk dat een aantal antwoorden op bovenstaande vragen 'nee' lijkt te zijn. Don't get me wrong, er zijn echt mensen die echt hartsikke hun best doen, maar het lijken er structureel bezien te weinig. De vraag is ook of de fundamentals voor autonome landen voor St. Maarten (en Curacao en Aruba) wel goed genoeg zijn. 

Ik probeer altijd in alles een kans te zien om stappen voorwaarts te maken; een uitdaging om verbeteringen of veranderingen in gan te zetten. Maar deze keer, nu met dit Corona virus twijfel ik voor het eerst. Om het land draaiende te houden (lopende verplichtingen,maar ook de koppeling van de antilliaanse gulden aan de dollar) zijn zelfs veel meer financiele investeringen nodig dan we normal al doen, en dat terwijl aan de inkomstenkant er vrijwel niks binnenkomt en de komende periode ook echt niet veel meer zal binnenkomen (toeristen wachten totdat de zaak meer 'in control zal zijn' en dat zal pas zijn Nadat een vaccine beschikbaar is). Veel van deze uitgaven moeten gedaan worden om mensen te helpen of de koppeling met de dollar in stand te houden, dan kan je zonder grote gevolgen niet op bezuinigen. Kortom; de schulden zullen enorm gaan oplopen. Met name omdat het waarschijnlijk niet iets zal zijn van enkele maanden. De vraag is dan wat die enorme schuldenberg gaat betekenen voor de toekomst van dit land. Kunnen we in redelijkheid zo voortgaan? Ik kan - gebaseerd op mijn observaties hier in de omgeving -  wel zeggen dat een andere staatkundige constitutie (onderdeel van een antillliaanse provincie of een bijzondere gemeente van Nederland) niet snel iets zal oplossen. ik zie dat aan de situatie op St. Eustatius of - in mindere mate - Bonaire -  die zelfs met meer directe jarenlange bemoeienis van Nederland bepaald niet optimaal is.

Helaas, ik weet de oplossing op dit moment ook niet. Misschien komt dat inzicht later nog. Tot die tijd is het wel zeker dat we nog even in deze Caribische zee blijven drijven, dus geen paniek. Bovendien heb ik zwemdiploma A, B en C ! :)

29 April 2020

________________ 

 

Column Den Cayente | Iemand moet het doen

Overmorgen worden mogelijk aanpassingen van de COVID-19 (Corona-virus) maatregelen aangekondigd, maar de vraag blijft echter hoe snel we dat eigenlijk zouden moeten doen. Wanneer het eenmaal zover is zal er nauwelijks sprake zijn van feest. Eerder van puinruimen. Het is ons tot nu toe bespaard gebleven dat dokters hier, net als in Italië, op een gegeven moment zouden moeten beslissen over wie wel en wie niet wordt geholpen.
Dat neemt echter niet weg dat er dankzij het coronavirus ook op Aruba traumatische beslissingen genomen zullen worden op zeer korte termijn. Vriend en vijand heeft ongetwijfeld met dit kabinet te doen. Want feitelijk alles zal of helemaal kapot zijn of zodanig op zijn gat liggen dat hulp van buitenaf nodig is om het weer op gang te krijgen. En iemand moet de echt onpopulaire beslissingen nemen en de knopen keihard doorhakken, wat de premier in de loondiscussie met de vakbonden deze week ook uiteindelijk heeft gedaan.


Daar zal het lang niet bij blijven en niet alleen de regering zal harde noten moeten kraken. Zo lijkt het erop dat het toerisme zoals wij het tot nu toe hebben gekend de nek om is gedraaid en feitelijk opnieuw uitgevonden zal moeten worden. Hier naartoe reizen wordt al te duur en wie wel een ticket zou kunnen betalen zal waarschijnlijk liever voor een écht luxe oord kiezen. Flamingo Island zal dan bij lange na niet genoeg zijn.
Feit is dat we lang geleden hebben gekozen voor massatoerisme, omdat het een makkelijkere optie was dan het creëren van een kleinschaliger en exclusiever product. Nu moeten we het doen met de grote hotels langs de strip, met al die kamers naast elkaar op al die verdiepingen, met casino’s, restaurants en natuurlijk stranden waar iedereen lekker hutje mutje op elkaar zit. Die zullen nooit en te nimmer 100 procent besmettings-proof zijn, net als ons cruisetoerisme, mocht dat überhaupt deze economische holocaust overleven.
Lege topvastgoed en een lege haven dus.


Hoe gaan ATA, Ahata, de regering en alle stakeholders dat in godsnaam oplossen? De raffinaderij krijgen we eindelijk weer in handen, maar intussen is wereldwijd de hele olie-industrie volledig in elkaar geklapt en het zou weleens jaren kunnen duren voor de prijs van een vat olie weer op een acceptabel niveau komt. Dus ook deze pilaar is door een sloophamer geveld.
We zullen onszelf als eiland opnieuw moeten uitvinden, met nieuwe economische modellen en dat proces gaat zwaar en pijnlijk zijn, ondanks dat velen van ons nu vooral unieke kansen zien om een waslijst aan zaken recht te trekken. Verworvenheden die we inmiddels generaties lang als vanzelfsprekend hebben gezien, zoals onze algemene zorgverzekering, onze pensioenen, de talloze perks binnen de ambtenarij, maar ook de luxestatus van politici en kader, zullen ingrijpend worden aangepast. Daar is geen ontkomen aan.


Het politieke paradijs waar Hessels jaren geleden al over schreef zal plaats moeten maken voor een sobere machinekamer waar het zonlicht lange tijd niet zal kunnen doordringen. Geen extra bestedingsruimte, geen prestigeprojecten zoals bruggen en windmolens, geen gunsten en baantjes meer om als Sinterklaas rond te strooien tijdens de verkiezingscampagne.
Alleen maar snijden, slopen en eindeloos uitleggen aan een murw geslagen, hongerige en boze bevolking waar zelfs carnaval van is afgepakt in de nieuwe anderhalve meter-realiteit.
En verder alleen maar knarsetandend meegaan met de eisen van degenen die ons geld toeschuiven. Geen enkele traditionele politicus die zich vrijwillig daaraan zou wagen en ik kan me voorstellen dat sommigen stiekem – of niet eens zo stiekem – hopen op een ‘tragische’ breuk in het kabinet en de komst van een crisis/zakenkabinet dat zonder pardon of omzien de echt pijnlijke beslissingen kan maken in plaats van hen. Houden zij hun handen schoon en kunnen ze terug naar politiek spelen nadat het puin is geruimd door een ander.


Zelf zou ik daar niet eens zo kwaad om worden, zolang die beslissingen ook echt worden gemaakt door iemand. Maar ik weet echt niet wie nou in zo’n kabinet plaats zou moeten nemen mocht dat überhaupt aan de orde komen en wat ik zie is dat in ieder geval een aantal mensen die nu in Cocolishi zitten er gewoon nog altijd elke dag zijn en echte oplossingen proberen te verzinnen, hun verantwoordelijkheid proberen te nemen, proberen te leren van de omstandigheden en lijken te willen groeien.
En ook harde beslissingen durven te nemen waar iedereen wel iets op aan te merken gaat hebben, zoals in de afgelopen week. Zal Aruba voor de verandering eindelijk eens een keer niet kiezen voor de weg van de minste weerstand en de makkelijke optie? De tijd zal het leren.


Bron: Den Cayente, geplaatst op 26 april 2020 door redactie knipselkrant curacao 
Column Arien Rasmijn

_____________________

 

Failed country status

1) Parliamentarians in meeting of April 22 said things like: … being sick and tired of us (St. Maarten) having to run to Holland every time (there is a need) to beg.
2) Alternatives of go-to private investors who might be ready, willing and able to bail out St. Maarten were offered by name. But what was not mentioned was: at what price to the people?
When it comes to looking for money to get us out of the mess we are in, we all know there is no such thing as “a Free lunch”, so even if under the present 10/10/10 rules we could go the route of private investors, at what cost financially and, more importantly, at what cost to our democracy will that be? Will we be selling our Government to these investors named by the Parliamentarian on the floor of Parliament? What would those investors consider an acceptable return on investment?
3) The President of Parliament suggests (demands) that the CBCS [Central Bank of Curaçao and St. Maarten – Ed.] “be called to order”, issue a license for a to-be-established National Bank of St. Maarten, fund it by repatriating some or all of St. Maarten’s share of the CBCS’ money abroad, and cut the umbilical financial cord with Curaçao.
4) Economist Arjen Alberts on April 22, 2020, explained “What can the CBCS do for us” in layman’s terms (he thinks possibly a band-aid for up to 6 months, after which financial disaster).

These 4 points I use to preface the following that I wrote on April 9 last, while pondering the pickle we are in:
Food for thought: What if, as the Corona virus pandemic hopefully starts getting under control, we get another Cat 5 (or more) hurricane this September? Who do we turn to? The Kingdom Gov’t again?
My take: After almost 10 years of trying, circumstances have proven that St. Maarten on so many levels cannot sustain itself as a “country”.
We lack self discipline.
We lack cohesion.
We lack the ability to raise enough taxes to afford to run an efficient government organization under normal circumstances.
We have a government apparatus that is too expensive for the quality and quantity of services available to the population.
We have government-owned companies that pay better than Fortune 500 companies.
We lack enough qualified human resources to properly and efficiently serve our population.
We lack mutual trust between consecutive governments and the population.
With 9 governments in 10 years, our elected and appointed officials (including me) have proven that they collectively lack enough maturity, knowledge, and often integrity to properly manage the affairs of the people.
On top of all of that, Hurricane Irma and within 2½ years now this COVID-19 pandemic have proven without a shadow of doubt that because of a myriad of reasons, we are financially, socially and economically unable to sustain the illusive dream of being an autonomous “country”.
By virtue of the size in numbers of our population and our total dependency on a single (now proven very fickle) pillar of economic sustenance (tourism), we seem to be destined to be an integral part of a larger community to which we will have to contribute in “good” times so that we can blindly and unconditionally depend on it in “bad” times (read: disasters, both natural as well as man-made).
As far as I am concerned it is time to admit: This “country status” experiment has failed on St. Maarten for, amongst others, all the reasons mentioned here above.
Time for a change of direction.
Time for a new referendum!

Michael J. Ferrier (former Minister of Finance SXM 2016/2017)

(C) The Daily Herald, St. Maarten, April 24 2020, letter to the editor

 

-------------------

Opinie | Ronddobberen of vasteland bereiken met referendum?

Vooropgesteld dient te worden dat ik enorm van Curaçao hou en liefst nooit meer naar Nederland zou willen terug keren. En wie wil er nu niet op Curaçao wonen? Er is hier volop zon, zee, ruimte om te wonen en te sporten en een gemêleerde bevolking die rustig met elkaar samenleeft.
Curaçao heeft een trots volk en juist omdat de liefde voor Curaçao zo groot is, heb ik willen aanknopen bij het lezenswaardig artikel ‘Hoog tijd om het Statuut af te schaffen’ van de heer Aart G. Broek in het Antilliaans Dagblad van afgelopen week.
In dit artikel wordt voorgesteld om het Statuut af te schaffen en van de Nederlandse Grondwet een Koninkrijksgrondwet te maken, hetgeen impliceert om Curaçao één van de zes gemeenten van de provincie Dutch Caribbean te maken.

Ik maak hieronder een globale samenvatting van dit artikel om daarop voort te borduren.

Zoals iedereen wel weet zijn de taken van Nederland jegens Curaçao tot op heden het verstrekken van een paspoort, defensiebeleid, buitenlandse betrekkingen onderhouden, maar er is een toenemende betrokkenheid in bestuurlijk, financieel, justitieel en politioneel opzicht. De betrokkenheid wordt onder andere veroorzaakt door ontoereikende criminaliteitsbestrijding (drugs, gangs), falende handhaving van mensenrechten (Venezolaanse vluchtelingen, slechte gevangenissen), falende milieuproblematiek (Isla-raffinaderij), slechte ambtelijke dienstverlening (waar moeten wij beginnen?), haperende kinderbescherming, onbeheersbare overheidsfinanciën (zie nu juist weer de afgekeurde jaarrekening 2018 van Curaçao met 34 miljoen aan getrouwheidsfouten, 3 miljard aan getrouwheidsonzekerheden, overschrijdingen van meer dan 100 miljoen, 354 miljoen onrechtmatig besteed enz.), grote armoede, etc. etc.

Onweerlegbaar kan gezegd worden dat het de regeringen van Curaçao, hoe goed zij het ook hebben bedoeld en bedoelen, niet lukt om een evenwichtig welzijns- en welvaartsniveau voor de inwoners van Curaçao te creëren. Dit wordt echter niet in de laatste plaats veroorzaakt door het ontbreken van een uitgewerkt transparant stelsel van rechten en plichten van Nederland naar Curaçao en andersom, aldus de heer Broek.
Het Statuut is gebaseerd op gelijkwaardigheid, zelfstandigheid en wederkerigheid en daar schort het met name dan ook al jaren aan, omdat de uitvoering van de zijde van Nederland sterk ‘gunsten verlenend’ is en door de jaren heen heeft deze ‘gunsten verlenende’ politiek op Curaçao opgeroepen tot het aannemen van een slachtofferrol, het onttrekken van verantwoordelijkheid en gevoelens van minderwaardigheid.
Het ‘gunsten verlenend’ beleid is fnuikend geweest voor het onderlinge vertrouwen en roept elke keer barrières voor een samenwerking op. In dit verband wordt ook al jaren geadviseerd, helaas zonder enig gehoor, om een representatieve schakel tussen de beide regeringen te creëren die zowel de Curaçaose als Nederlandse cultuur kent en die aldus de juiste taal beheerst voor een heldere communicatie met de Nederlandse ambtenaren, terwijl je toch zou mogen verwachten dat dat de rol van het Curaçaohuis in Den Haag zou moeten zijn.

Als wij nu naar de laatste 20 jaar tot heden objectief naar het wel en wee van Curaçao kijken, wordt het dan eerlijk gezegd geen tijd dat er een provincie met zes gemeenten komt? Wordt het geen tijd dat er één soort Nederlanderschap komt en geen onderscheid wordt gemaakt tussen Nederlanders en Curaçaoënaars als tweederangsburgers?
Wordt het geen tijd dat er één norm komt voor maatschappelijke voorzieningen als overheidszorg, onderwijs, milieu, openbare financiën enz., zodat er een gelijk westers welzijns- en welvaartsniveau komt en Curaçao als gelijke partner wordt behandeld?
De praktijk heeft de afgelopen jaren toch uitgewezen dat wij het zo niet redden? Voorheen konden wij ons nog enigszins redden met offshore inkomsten, maar die zijn nagenoeg opgedroogd mede door toedoen van Nederland en ons eigen optreden, terwijl Nederland altijd zelf praktisch maling heeft gehad aan buitenlandse kritiek om hun rulingpraktijk en toepassing van hun belastingverdragen te beperken.

Onze samenleving is te ingewikkeld om op efficiënte wijze te besturen, praktisch iedereen kent elkaar, one big family, totdat het ego, powerplay op gezette tijden binnensluipen, dan is de eenheidsgedachte ineens weg. En laten wij nu eerlijk wezen: wij hebben toch ook te veel ambtenaren op een bevolking van 160.000 inwoners en er zijn toch veel te veel mensen die al jaren onder de armoedegrens leven waar een handjevol organisaties zich inzet om deze mensen eten te geven en te kleden, en wij zetten vaak toch ook geen stap te veel. Wij zijn erg passief, behalve wanneer wij kunnen feesten. Dat is enerzijds mooi, vrolijk en gezellig, maar anderzijds ook zo laks.
Een mooi voorbeeld is dat er geen maatregelen worden genomen of bekend worden gemaakt om de vier (semi-)overheidsambtenaren, die gezamenlijk per jaar 3,8 miljoen verdienen aan te pakken, terwijl bij een ‘Rhuggenaath-norm’ van bijvoorbeeld bruto 250.000 gulden van het verschil in salaris per jaar 380 mensen (familie van vier personen) kunnen leven (ja even, een maand, vliegen de mails en apps met volle verontwaardiging rond het eiland en daarna zijn wij het weer met zijn allen vergeten). Typerend.

Zoals gezegd zijn onze beperkte inkomstenbronnen opgedroogd. De haven heeft kansen voorbij laten gaan en vertoont weinig activiteiten en investeringen, de raffinaderij ligt plat, de (internationale) financiële wereld is onder andere door Nederland volstrekt uitgewoond en de lokale bedrijvigheid is praktisch tot stilstand gekomen en zal hopelijk weer snel een beetje op gang komen. De verwachting bestaat, en dan schat ik het positief in, dat het toerisme pas volgend jaar als niet later mondjesmaat weer op gang komt en dat zal dan bizar zijn qua afstand houden, mondmaskers en massaal vliegen.

Wij komen er zonder 100 procent structurele gelijkwaardige hulp van Nederland niet uit. Wij koersen af op grote werkloosheid, toenemende criminaliteit en een exodus van Curaçaoënaars naar Nederland. Daarnaast komen toekomstige ouderdoms- en pensioenuitkeringen ernstig in gevaar en krijgen wij een slechtere gezondheidszorg, omdat de premies niet meer zijn op te hoesten. En mochten wij er dan economisch/financieel over een aantal jaren met Nederlandse hulp toch uit zijn, dan kunnen wij erop wachten dat wij weer in hetzelfde stramien als de laatste tien jaar vervallen.

Wij moeten concluderen dat Curaçao jammer genoeg geen zelfstandig bestaansrecht meer heeft, maar in deze veranderlijke moeilijke tijden geeft dat toch ook niet. Wij moeten hierover heenstappen. Het verleden achter ons laten. Er zullen machten, instanties zijn die helemaal geen bemoeienis van Nederland willen, die hun eigen beleid willen blijven bepalen, maar wij moeten als volk over deze machten heen stappen en via een snel te houden referendum onderzoeken of de meerderheid van de inwoners Curaçao als een gemeente/provincie van Nederland willen zien, zodat wij als een volk er alleen maar op vooruit zullen gaan.


De auteur, Enrico van der Meij, is partner/fiscalist van een belastingadvieskantoor op Curaçao. 

(C) Geplaatst op 23 april 2020 door redactie knipselkrant curacao 

------------------------------

Gevolgen van het Corona Virus

Nu seksclubs gesloten zijn en veel mensen thuiszitten, moeten mensen zich thuis vermaken. Dat resulteert in drukte op pornosites: [..] tot bijna 50 procent meer verkeer.

Horecagelegenheden, sauna's, seksclubs en coffeeshops [moeten] dicht. Ook moet waar mogelijk thuis gewerkt worden en moeten sociale contacten worden beperkt. Naarmate mensen meer tijd thuis doorbrengen, hetzij zelfisolerend of thuiswerkend, is het verkeer naar digitale pornoclubs is gestegen. Sinds een site bekend maakte dat mensen gratis gebruik kunnen maken van een premiumabonnement groeide het bezoek meteen met maar liefst 61,3 procent meer bezoek dan normaal. Ook wordt 's middags, voor veel mensen dus tijdens werktijd, opvallend veel naar porno gekeken. 
"Wat we zien, is dat in de avonduren - als partners en kinderen op bed liggen - het gebruik van de pornosites enorm toeneemt. Zowel van mannen als vrouwen. Je merkt dat mensen een substituut zoeken voor seksclubs en massagesalons", aldus de directeur van zo'n site.

(c) www.nu.nl, 19 maart 2020

Nee, dit bericht gaat niet over Sint Maarten of enig ander Caribisch eiland, maar gewoon over ……...Nederland !

 

--------------------

 

 

Creatief Parkeren

 

Wat doe je als je vrachtwagenchauffeur bent en je moet een volle container afleveren, de parkeerplaats is vol en je moet een andere container ergens anders oppikken binnen 15 minuten.

Het resultaat is hier te zien…………:)

Sint Maarten, Union Road, Cole Bay, March 2nd 2020.

-------------------------------

Emigreren kent zo z'n uitdagingen

Vol goede moed ging hij twee maanden geleden op pad. Mijn nieuwe collega. Vanuit Nederland naar Sint Maarten.

Hij kon kiezen om als tijdelijke huisvesting te verblijven in een basic hotel op loopafstand van het kantoor of voor een iets luxer hotel, maar dan op 3 kilometer van kantoor, met twee heuvels en zonder openbaar Vervoer. Zijn voorkeur was de laatste. "Zou je dat nu wel doen" vroeg ik hem nog, want die andere is veel gemakkelijker qua afstand. Maar de nieuwe collega meende dat hij dan wel een taxi zou nemen. Ik vertelde hem nog dat die hier niet heel goedkoop zijn. Toch werd dit zijn keuze.

Elke dat een taxitarief betalen valt echter natuurlijk toch een beetje tegen. En een collega die daar in de buurt woonde en die hem af en toe wel wilde laten meerijden had heel andere werktijden dan de nieuwe collega wenselijk achtte. Toen hem ik hem maar mijn fiets geleend. Maar die heuvels zijn dan toch niet erg fijn. En ook is het niet fijn dat dit jaar het regenseizoen ook echt een regenseizoen is. Toen ik vroeger een scooter hier had had gemiddeld 7 x per jaar een regenpak nodig, maar dit jaar was die 7 x al in de eerste maand!. En hij had geen regenpak of paraplu!

Op zoek naar permanente woonruimte vielen een paar aardige studio appartementen al gauw af, want te klein; "mijn meubels passen er niet in die in de container zitten die hierheen komt", aldus de nieuwe collega. Oeps, dus was een groter appartement nodig. Groter is duurder. Dus in plaats van zo'n 850 - 1000 USD betaal je dan tussen de 1250 en 1500 USD.

De nieuwe collega zag erg uit naar de komst van de zijn zeecontainer, want dan zou hij ook eindelijk het eiland kunnen gaan verkennen met zijn auto die hij uit Nederland gaat importeren, een Citroen. Nu is Citroen is een leuk automerk, maar het klimaat en de wegen hier doen een aanslag op de toestand van de auto's en het merk Citroen is nu eenmaal niet bekend om zijn robuustheid/duurzaamheid. Er gaat nog wel eens wat aan kapot wat onderhoud nodig heeft. En op het nederlandse deel zijn er geen franse auto-onderdelen. Laat staan dat iemand hier iets van de techniek van deze auto's kent. Hopelijk wel op het Franse deel van het eiland. 

Na vele dagen vertraging en wat heen en weer bellen zou de zeecontainer nu dan toch eindelijk aankomen. Dat was ook nodig want de nieuwe woning moest worden betrokken en die was gehuurd geheel in lege toestand, omdat alles in de container zat. Collega stond op de kade om het schip welkom te heten na de 3 weken lange zeereis vanuit Rotterdam. Het laden en lossen kon beginnen. Na drie uurtjes takelen was het schip leeg, maar helaas, de container van de collega zat er niet tussen !?

In paniek belde hij naar Rotterdam. "Waar is mijn container!?, Ik heb hem nodig, nu !". "Meneer, het is heel vervelend maar volgens onze administratrie is die container wel degelijk bij ons weg en ingescheept op de boot die nu bij u aan de kade ligt."  De kapitein van het schip echter hiled echter vol dat hij de container niet kan vinden en dat hij dus weg is. Wat nu. Zo'n ding kan toch niet zomaar van boord vallen?  De havenautoriteiten kalmeerden collega en verzoeken hem naar huis te gaan. Zij zullen de volgende morgen benutten om nog eenmaal de gehele vooraad containers door te lopen. Want het inderdaad nog niet vaak voorgekomen dat containers 'zomaar' verdwijnen.

Collega heeft die nacht niet zo goed geslapen, want hoe moet het nu verder zonder iets in dit verre land, op 900 kilometer van Nederland? De volgende ochtend belt hij op naar het havenkantoor. "Meneer, wij kunnen u mededelen dat wij de container toch hebben gevonden", aldus een vriendelijke mevrouw.

Wat gaat er op zo'n moment door je heen als je dat hoort. Blijdschap, opluchting. Dit land is een prachtig land, maar is niet altijd goed voor je gezondheid. Ik heb collega geadviseerd van tijd tot tijd de bloeddruk bij de dokter te checken. Gewoon…..voor de zekerheid. :)

Februari 2020

 

------------------------

 

Role of Parliament


In one week two different stories can be read about in fact the same topic, apparently being an issue on Curacao as well as on St. Maarten. I quote them here below.


“Salomons [director Sint Maarten Housing Development Fund] said [after gotten complaints not showing up when requested by Parliament recently] a private foundation such as SMHDF is not obliged to come to Parliament to answer questions. “Protocol dictates that the foundation’s point of contact is with the Minister of VROMI [Public Housing, Spatial Planning, Environment and Infrastructure], with whom the foundation holds scheduled bi-weekly meetings. “According to the Constitution of St. Maarten, Parliament can invite a Minister to be present during a meeting to give certain information. As far as my knowledge of the law extends in this regard, there is no requirement for me – as a private citizen or in my capacity as director of a private entity such as SMHDF – to provide information to Parliament or give account to Parliament regarding my management activities relative to SMHDF or the manner in which SMHDF conducts its activities. “As a good corporate citizen, I am, however, prepared to provide Parliament with a general presentation on the challenges that SMHDF is currently confronted with, as well with a presentation on the challenges SMHDF had to deal with in the past.”
© February 8th 2020, The Daily Herald

 

“Reeds geruime tijd constateer ik dat de meerderheid van het parlement [...] zich zeer protectionistisch en romantisch opstelt ten opzichte van de regering. Velen menen dat men geen kritiek mag of kan uitoefen op de eigen minister of de coalitie. Juist deze denk- en handelwijze ondergraaft de democratie. Men gaat voorbij aan het feit dat positieve kritiek ook dient om de mens scherp te houden, juist voor behoud van de democratie. Elk zich respecterend land moet bestuurd worden op basis van ‘checks and balances’. Niemand is volmaakt en alwetend.
[Externe organisaties, hiertoe al dan niet uitgenodigd door het Parlement,] moet[en] niet op de stoel van de regering gaan zitten. Regering en Parlement moeten rekenschap afleggen aan het volk [..} en zoveel mogelijk trachten onzekerheden en speculaties te vermijden. De huidige afstandelijkheid tussen volk en bestuurders creëert een vacuüm, zodoende een vruchtbare bodem voor speculaties en uitingen waar eenieder zijn eigen inhoud aan geeft. Het uitblijven van debatten over cruciale zaken verzwakt het orgaan Parlement en onthoudt het volk van cruciale informatie. Het Parlement moet zich realiseren dat een groot gedeelte van het volk [..] in onzekerheid leeft. Acties van de regering zijn gehuld in een zware sluier van geheimzinnigheid.”
Maria Liberia-Peters, Ex-Minister President van de Nederlandse Antillen, Curacao
© Ingezonden ‘Let op de democratie’, geplaatst op 16 februari 2020 door redactie Knipselkrant Curacao

 

--------------------

 

Portugese oorlogschepen rond de kust

 

Een intrigerend kop van een artikel. Waar gaat dit over? Ik wist niet dat Portugal nog een oorlogsvloot heeft. Interessant, maar wat doen die hier in de Cariben?


Langs de kust van Curaçao zijn weer Portugese oorlogsschepen gesignaleerd. Dat bevestigt Mark Vermeij van Carmabi.
Het vermoeden is dat er veel zijn, want het instituut heeft meerdere meldingen binnengekregen. Volgens Vermeij is dit echter normaal voor de tijd van het jaar. Rond januari/februari zijn er meestal meldingen van deze ‘schepen’ rond het eiland.
Portugese oorlogsschepen zijn koloniën van poliepen met kleine harpoenen. Gestoken worden door een Portugese oorlogsschip kan pijnlijk zijn. Carmabi tipt om bij een steek de tentakels te verwijderen met een stok, de plek van de steek te behandelen met azijn, zeker 45 minuten te spoelen met warm water (40 graden) en veel vitamine C te nemen.

Bron: ParadiseFM, geplaatst op 29 januari 2020door redactie curacao

De naam werd in de zestiende eeuw door ontdekkingsreizigers gegeven. In die periode was Portugal een belangrijker zeemacht dan Engeland of Spanje. Net zoals het dier joegen de Portugese schepen iedereen schrik aan. Bovendien doet de vorm van het dier met een beetje fantasie denken aan de helm die Portugese soldaten toen droegen. (bron: Wikipedia)

 

______________________

 

Sint Maarten stepping out of the monetary union

Advice Social economic Council Sint Maarten, February, 28th, 2013

Last year I wrote several times about this topic. reason was the economically/financially worsening situation in Curacao probably affecting the stable solid position between Antillean Guilder and United States Dollar (devaluation). Those article were published in the biggest newspaper here The Daily Herald in 2019. The aim was to get the topic on the table of the political people. However, it did not lead to any political noteworthy step or opinion on this matter, even while December 2019 was election time. Something that was also the case in 2013 when the Social Economic Council of St. Maarten published a clear advice. Not any concrete step taken.

Now, January 2020, the topic comes up politically because it is becoming more concrete. The financial problems in Curacao are that big (nearing bankruptcy of a Curacao based local bank) that government of Curacao proposes to raise the license fees for foreign transactions causing a rise in bank costs in the money transfers and consequently causing more guilders needed to pay importing goods (dollar based). Main question; why should St. Maarten have to pay for problems they are not causing, nor are involved in? Answer is: because Curacao and St. Maarten have a common monetary union. Now St. Maarten politicians waking up to do their say and being critical. 

For all those (wanting to) waking up, please see below the advice already given by the Social Economic Council of St. Maarten in 2013 on this monetary matter. Her it comes.

 

It is made clear in this advice that because of the worsening of the current account imbalance on the part of Curaçao, a balance of payments crisis may take place, which, consequently, may lead to a sudden devaluation and inflation of the Netherlands Antillean Guilder for the entire monetary union. Because of this worrisome situation, the Social Economic Council of Sint Maarten strongly advises the government of Sint Maarten to step out of the monetary union which we currently form with Curaçao.

Stepping out of the monetary union leaves Sint Maarten with two choices: - to opt for dollarization - or to choose and design our new legal tender: the Sint Maarten Dollar However, whatever alternative Sint Maarten chooses, financial supervision, whether exercised through a Central Bank or an outsourced supervisory authority, will still play an important role in promoting monetary and financial stability.

Dollarization as described in this advice can have a net positive influence on Sint Maarten‟s whole society: lower interest rates, lower transaction costs, capital mobility, more investments and the elimination of devaluation risk.

The banking sector will experience more competition from abroad and will thus feel pressure on their interest margin, losing income from currency conversion. But overall, the government of Sint Maarten will carry most costs, considering their loss of income and having no control over our own monetary policy with dollarization, as Sint Maarten accepts the monetary policy of the United States when dollarizing. Any issues with the US dollar as a currency will then be felt by Sint Maarten.

Dollarization can only have a positive effect on the investment climate as well as the standard of living, if some very important conditions are met. These conditions are first and foremost: a high level of fiscal discipline, and higher flexibility in price and wage levels. In a dollarized economy, financial institutions can still experience liquidity or solvency crises, but then the government is unable to exercise its lender of last resort function. For that reason, there must be a guarantee that there will always be sufficient US dollars available to keep Sint Maarten‟s dollarized economy running: some guarantee against catastrophic shocks possibly in the form of a contingency plan (like a funded deposit guarantee scheme) to be realized with a private international agency or within in the Kingdom.

As we already stated in the introduction of this advice, Sint Maarten is already de facto dollarized, the Netherlands Antillean Guilder is in widespread use alongside the US dollar, and hence, there is no loss of confidence in the Netherlands Antillean Guilder (yet). Furthermore, Sint Maarten is not exercising the choice of dollarization because of hyperinflation or macro- economic instability. Dollarizing also means totally relying on and having no control over the US monetary policy.

However, for Sint Maarten, the current peg of the Antillean Guilder to the US Dollar has brought us a credible exchange rate stability and nearly low inflation for a very long time. With the peg our economy adapts to shocks and maintains competitiveness, but there has always been the risk of a sudden, sharp devaluation of our exchange rate, while in a dollarized economy there is no control over our own monetary policy, thus no possibility to devalue our exchange rate. Sint Maarten considers stepping out of the monetary union, because the current account deficit for the monetary union has risen to worrisome levels, putting our international reserves under pressure and ultimately requiring devaluation. Therefore, immediate action to leave the monetary union is required for Sint Maarten.

Regarding our own currency, with the inception of a newly to be established Central Bank for Sint Maarten, this Central Bank will be responsible to bring the Sint Maarten Dollar into circulation. In order to peg the Sint Maarten Dollar to the US Dollar, the government of Sint Maarten should continuously make an effort to control the value of the Sint Maarten Dollar, so it rises and falls as the US Dollar does. Similarly, fiscal policy must be as highly disciplined when choosing for our own new legal currency as it must be when dollarizing. In the end, it is up to Sint Maarten to uphold solid financial management and principles of good governance.
But, taking Curaçao‟s new position into account regarding the CBCS, the inevitable question becomes; if politicians cannot agree on one common central bank, what will be the next best alternative for Sint Maarten? Given the current financial architecture, Curacao will probably carry forward the current central bank, although its revenue base will become smaller as a result of dividing the foreign exchange reserves with Sint Maarten and the omission of income from the issuance of banknotes and currency transactions with banks in Sint Maarten.

With respect to Sint Maarten, it is the question whether it will be able to sustain a full- fledged central bank in an effective manner. The small scale of our economy will not generate enough income to cover the operational costs. This means that the central bank will become dependent on government financing, which will undermine its independence and, hence, credibility. In general, a central bank contributes to government revenues, not the other way around. An own monetary policy and consequently an own full- fledged central bank is only necessary if you have your own currency.

 

Consequently the SER advises as follows:
1) For the government of Sint Maarten to decide to step out of the monetary union with Curaçao. Herein, Sint Maarten should set a realistic date, make a time schedule and start working with a professional taskforce on a strategic plan towards this goal. This professional task force can be installed with the help of The Netherlands and the BES islands who have recently gone through the process of dollarization.
2) Subsequently, since the US dollar is used so extensively on Sint Maarten and the transition to dollarization will not have a huge impact; official dollarization should be considered an efficient and achievable option for Sint Maarten, while at the same time in the dollarization process, the government is responsible to protect consumers against prices being raised or rounded off upwards to the consumer‟s disadvantage.
3) For government to have a definite budget available to realize the transition to formally dollarize Sint Maarten.
4) That there should be a significant shift in the areas of responsibility of the Central Bank and the government of Sint Maarten respectively: the role of the Central Bank will be limited, if not nil, while that of the government of Sint Maarten conversely will become even more prominent. As a result it will become even more critical, that fiscal rules and benchmarks are legally embedded.
5) Regarding the supervision of the financial sector, which is an ongoing process, even if Sint Maarten dollarizes the SER recommends that it would be much more efficient and effective for Sint Maarten if the financial supervision would be outsourced. This is easy to establish, considering that most financial institutions on Sint Maarten are subsidiaries or branches of foreign-based companies.
6) That the government of Sint Maarten retains an adequate level of reserves to help mitigate the effects of economic shocks or aims towards Kingdom support in case of catastrophes.
7) That the government of Sint Maarten finds a way to compensate the loss of seigniorage revenues and the license fee revenues, in total estimated at approximately 29 million NAF.
8) In order to ensure that Sint Maarten‟s financial supervision continues to occur in an optimal manner, that adoption and execution of the country‟s budgets are balanced within the agreed limitations, and that there is control of the government budget, the SER also advises that the CFT should continue its independent supervision indefinitely, even after December 31st, 2015, when this supervisory body‟s (first) term will be terminated.

(C) published here January 22th 2020

 

-------------------

 

Too much tourism; too much of a good thing?


The Central Bank of Aruba published last week a very interesting paper with research results regarding
overtourism. The Bank questions, based on certain indicators, if Aruba has overtourism and does some
recommendations how to deal with it. Because the same situation might be at stake at St. Maarten too I
copied some interesting remarks and findings below.
Let’s find out if overtourism is here at St. Maarten too and how to deal with that.

Overtourism portrays relentless tourism growth – frequently unregulated – that has moved beyond the
level of acceptable change in a destination due to significant levels of tourism density (tourism exports-
to-national income), tourism intensity (total visitors-to-population), and tourism density (visitors per
km2) resulting in destruction of the natural environment, wear and tear of infrastructures and (cultural)
architectures, and the negative impacts on residents and tourists (Center for Responsible Travel, 2018).
(p.13)

The World Travel & Tourism Council (WTTC, 2017) describes several adverse effects of overtourism,
including pressures on infrastructure (i.e., transportation and energy), resource consumption and
pollution (i.e., leakage and waste), spatial and cultural alienation (i.e., real-estate and social identity),
and deterioration of the tourist experience (i.e., congestion and service quality). (p.14)

In reflecting on tourism life-cycles in the Caribbean, Cole (2007) indicates that an overshoot in tourism
arises from several interdependent factors, including e.g., (a) surpassing physical limits of beachfront or
coastal areas for resort construction, (b) increasing labor migration due to limited local workforce, (c)
growing visitors’ sense of overcrowding, and (d) an escalation in residents feeling overwhelmed or
displaced by visitors and/or immigrant workers. The latter describes intensifying sentiments of visitor
annoyance and apathy by local communities (Doxey, 1975). (p.16)

One of the most enduring critiques of tourism is its non-inclusive development. They contend that
tourism oftentimes provides opportunities for the privileged, creating profits for international (non-
local) resorts, and building exclusive enclaves for the rich, thereby excluding the indigenous community,
marginalizing local cultures and lifestyles, and depleting scarce natural resources (Scheyvens & Biddulph,
2017). (p.17)

Direct channels of overtourism transmission describe diminishing (or negative) tourism contribution to
GDP [national income], declining average per-visitor expenditures, growing resource consumption.
(p.18).

Indirect channels of overtourism transmission include stagnant labor participation rates, limited or
declining income equality, uneven income distribution, foreign-ownership concentration of tourism
industry, spatial concentration of tourism industry, real-estate price inflation, environmental
degradation, loss of natural habitats, and diminishing contribution of tourism ecological services. More
importantly, the tourism industry is one of the main producers of CO2 emissions (Ewing-Chow, 2019;
Gossling, 2002, Isik et al, 2017; Lenzen et al., 2018); directly – due to travel and transportation – as well
as indirectly – as a result of tourism infrastructures, deforestation, construction activities, energy
consumption, food imports, and waste. Previous studies indicate that a 1 percent increase in tourism expenditures is associated with a 0.12 percent rise in CO2 emissions (Isik et al., 2017). It is estimated
that for every single US$ of tourism-related consumption in Caribbean destinations, one kg of CO2 is
produced (Ewing-Chow, 2019). (p.18/19)

Several studies indicate that tourism may have reached or surpassed its optimum growth. Although
limited, previous economic studies suggest that Aruba is experiencing a ‘tourism exhaustion’ effect (IMF,
2013; 2019) and may have become ‘tourism saturated’ (Pereira & Croes, 2018), in which tourism growth
is no longer delivering value-added with diminishing economic returns. Previous tourism studies have
indeed questioned how far and fast tourism can and should expand (Cole & Razak, 2009; Peterson,
2006). (p.26)

Analysis of available visitor satisfaction survey data (CBS, 2000-2016) reveals that overtourism is
negatively correlated with visitor satisfaction and perceived quality of tourism services. The findings
suggest that visitors are increasingly dissatisfied with the destination’s cleanliness (-40.8 percent),
hospitality and friendliness (-26.5 percent), and local transportation (-12.6 percent), which may be
indicative of the negative effects of overtourism in terms of environmental pollution, workforce
exhaustion, and traffic congestion. (p.31)

Overtourism carries long-term costs for the public sector due to its indirect effect on government
expenditures. Whereas the growth in tourism drives government (tax) revenues in the short-term, in the
medium to long-term, rising levels of tourism intensity generate public sector costs in terms of, e.g.,
social security, health care insurance, and education, and other public sector services and
infrastructures. These costs stem largely from rapid population growth, population aging, and residential
urbanization. (p.33)

Although limited, initial evidence suggests that the overconsumption of tourism is partially responsible
for the loss of ecological services, which is currently estimated at 10 percent of GDP (see Table 6, Chart
6.6). (p.34)

The general perception of the community towards tourism and tourism growth is characterized by
substantial concerns and complaints about the overconstruction of tourism infrastructures, the
congestion and crowding (out) of beaches and public areas, the rising costs of living, and the loss of
cultural authenticity, natural habitats, and ecological biodiversity.(p.47)
In contrast to classical maxims of economic and tourism growth, this study finds no evidence that
economic growth is – automatically – good for social equality and environmental quality nor that
tourism is intrinsically beneficial to sustainable development. Whereas tourism has been and remains
the main economic driver of growth and employment in Aruba, the impact in terms of socioeconomic
and socioecological costs is substantial. This raises significant policy questions and development
concerns about the future [..]. (p.52)

 

Table: overtourism in select small island tourism economies in the Caribbean (CTO,2018; FCCA,2018; WTTC, 2017

Selected small islands ranked Population per km2 Total visitors to population Visitors per km2 Total tourism contribution to GDP [national income] Average of sub-indices
St. Maarten                    0.93                  0.89                      1.00                  0.88                                         0.92
Aruba                             0.45                  0.48                      0.29                  1.00                                         0.59
Cayman islands             0.17                  1.00                      0.21                  0.22                                         0.48
British Virgin Islands      0.13                  0.43                      0.08                  0.77                                         0.43

Anguilla                          0.10                  0.41                      0.06                  0.66                                         0.38
US Virgin Islands            0.21                 0.39                       0.11                  0.62                                         0.37

 

Some recommendations to a sustainable and inclusive tourism

Social and environmental policies need to be set at the fore of future economic development, including
both macroeconomic and climate change developments. To mitigate the risks and costs of overtourism
and foster a more inclusive – less intrusive – model of tourism development, it is vital that labor market
participation and income equality as well as environmental health and ecological biodiversity are
restored. (p.54)

Integral to circular tourism is the improved flow of visitors, especially in congested and crowed areas.
The strict enforcement of land use and zoning rules, as well as the retrofitting of buildings and
infrastructures should be pursued. Building codes and environmental zoning rules should be adapted
with explicit consideration of overtourism and climate change risks. (p.55)

Several of the United Nations Sustainable Development Goals 2030 provide indicators and targets for
measuring, monitoring, and managing multiple key performance indicators, which are directly relevant
to overtourism and climate change. These indicators could provide an initial policy framework for
mitigating and adapting to the risks of climate change and overtourism. Additionally, it would ground
the policy roadmap towards 2030. (p.56)

 

This text above is some of the text in the paper of the Central Bank of Aruba, making clear that short
term revenues from tourism might also have its downsize on the longer term, related to the quality of
life of people at the end. Quality of life being the general well-being of individuals and society, based on
aspects as emotional, physical, material and social well-being, including everything from physical health,
family, education, employment, wealth, safety, security to freedom, religious beliefs, and the
environment. Too much tourism, causing on the longer run a decline in this quality-of-life-experience,
should be avoided. Too much tourism can be too much of a good thing.
The paper can be found on the website of the Central Bank of Aruba, called: “weathering overtourism
and climate change in small Island tourism economies”.

(C)© Name withheld on request of the author, published as 'letter to the editor' in The Daily Herald of January 16th 2020

 

________________________

 

Welcome in the Caribbean;

Wipkamer in de gevangenis is geen mensenrecht


Persbureau Curacao
Willemstad – Het is nog maar de vraag of wipkamers in de gevangenis noodzakelijk zijn. Dat meldt de Raad van Advies, die vindt dat de argumentatie in het wetsvoorstel om dat te regelen niet overtuigt.
Zo klopt de redenering niet dat het onthouden van seks met je partner in de gevangenis een schending oplevert van mensenrechten. Ook zou bezoek zonder toezicht niet persé bijdragen aan een betere terugkeer in de maatschappij.
© Curacao.nu, geplaatst op 16 januari 2020 door redactie knipselkrant curacao